Franciscus & Clara

Ter inspiratie, wijsheidsspreuken van Franciscus van Assisi

Het geduld Gelukkig wie vredelievend zijn, want zijn zullen kinderen van God genoemd worden. Een dienaar van God kan niet weten hoeveel geduld en nederigheid hij in zich heeft, zolang aan zijn wensen voldaan wordt. Maar als het ogenblik komt dat wie aan zijn wensen moesten voldoen, hem het tegendeel aandoen, zoveel geduld en nederigheid als hij dan heeft, zoveel heeft hij en meer niet.
De nederige dienaar van God Gelukkig de dienaar die zich niet beter vindt, wanneer de mensen hem prijzen en verheffen, dan wanneer ze hem waardeloos, eenvoudig en verachtelijk vinden. Want zoveel als een mens is in de ogen van God, zoveel is hij en meer niet.
De echte liefde Gelukkig de dienaar die zijn broeder evenveel liefheeft wanneer die ziek is en hem dus niets kan terugdoen, als wanneer die gezond is en hem wel iets kan terugdoen.

 

Brief aan broeder Leo Broeder Leo, je broeder Franciscus wenst je heil en vrede. Zo zeg ik je, mijn zoon, als moeder: alles wat wij onderweg besproken hebben, regel ik beknopt in deze uitspraak en ik geef je de raad –en je hoeft om raad niet naar mij toe te komen, want ik geef je deze raad-: als je een of andere manier beter vindt om aan de Heer God te behagen en zijn voetspoor en armoede te volgen, doe dat dan met de zegen van de Heer God en in gehoorzaamheid aan mij. En als het voor je ziel noodzakelijk is en je voor een andere bemoediging opnieuw naar mij wilt komen, kom dan.

 

Fragment uit de brief aan een minister Over de toestand van je ziel zeg ik je, zoals ik dat kan: de dingen die je belemmeren de Heer God te beminnen en ieder die een belemmering voor je vormt, broeders of anderen, zelfs al sloegen ze jou, dit alles moet je als genade beschouwen. En zo moet je het willen en niet anders.

 

Het Zonnelied

Allerhoogste, almachtige, goede Heer, van U zijn de lof, de roem, de eer en alle zegen. U alleen, Allerhoogste, komen zij toe, en geen mens is waardig uw naam te noemen. Wees geprezen, mijn Heer, door al uw schepselen, vooral door mijnheer broeder zon die de dag is en door wie Gij ons verlicht. En hij is mooi en straalt in grote pracht; Van U, Allerhoogste, draagt hij het teken. Wees geprezen, mijn Heer, door zuster maan en de sterren. Aan de hemel hebt Gij ze gevormd, helder en kostbaar en mooi. Wees geprezen, mijn Heer, door broeder wind en door de lucht, bewolkt of helder, en ieder jaargetijde door wie Gij het leven van uw schepselen onderhoudt. Wees geprezen, mijn Heer, door zuster water die heel nuttig is en nederig, kostbaar en kuis. Wees geprezen, mijn Heer, door broeder vuur door wie Gij voor ons de nacht verlicht; en hij is mooi en vrolijk, stoer en sterk. Wees geprezen, mijn Heer, door onze zuster moeder aarde, die ons voedt en leidt, en allerlei vruchten voortbrengt, bonte bloemen en planten. Wees geprezen, mijn Heer, door wie omwille van uw liefde vergif­fenis schenken, en ziekte en verdrukking dragen. Gelukkig wie dat dragen in vrede, want door U, Allerhoogste, worden zij gekroond. Wees geprezen, mijn Heer, door onze zuster de lichamelijke dood, die geen levend mens kan ontvluchten. Wee hen die in doodzonde sterven; gelukkig wie zij in uw allerheilig­ste wil vindt, want de tweede dood zal hun geen kwaad doen. Prijs en zegen mijn Heer, en dank en dien Hem in grote nederigheid.

Bron: Franciscaanse Beweging.nl

Ter inspiratie over Clara van Assisi

“Hier wordt duidelijk waarom Clara zoveel nadruk legt op het belang van de nederigheid: niet alleen wij zijn dragers van de goddelijke werkelijkheid – dat zijn alle mensen. Dus moeten wij allen hoogachten en ons nederig buigen voor hun ziel –woonplaats van de Allerhoogste.

Dit vereist ook een andere omgang met jezelf. Als draagster van God, bezield door goddelijk vuur, draag ik de verantwoordelijkheid voor het laten branden ervan. Dat gaat niet vanzelf. Vuur moet gevoed worden of het dooft uit, vuur kan verstikt worden… Je moet zorg dragen voor je ziel!!

Clara leeft vanuit het besef van een voortdurende en zich steeds voortzettende incarnatie. Zoals Maria draagt zij –en dragen wij – Hem die alles omvat. De Menswording van de Allerhoogste God als dagelijkse realiteit: wij (en de hele schepping met ons) worden door God omvat en gedragen en tegelijkertijd maakt die Allerhoogste God zich zo klein en wil Hij zo kwetsbaar zijn door Zijn Aanwezigheid in elke mens. Wij zijn waarlijk ‘tempels van God’.”

bron: “De Paradox als levengevende ruimte bij Clara” door zr Elisabeth Schonken

 

Twee schilderijen gemaakt naar aanleiding van het vertrek van het Franciscaner Milieuproject van Kasteel Stoutenburg.

www.levenswegen.nl